De geschiedenis

Een eeuwenoude techniek

Houtdraaien op een draaibank is een eeuwenoude techniek. De eerste draaibanken werden aangedreven met een boog (de fiedelbank) of later met de voet (wipdraaibank). Het houtdraaien werd vooral als huisvlijt uitgeoefend. Daarna kwamen er draaibanken die door een motor werden aangedreven; de banken werden groter en zwaarder en pasten niet meer in de kleine ruimte. Hierdoor raakte het houtdraaien als huisvlijt uit beeld. Pas na de tweede wereldoorlog werd de elektrisch aangedreven draaibank wat algemener en kwamen er ook kleinere exemplaren waardoor de huisvlijt weer kon terugkeren. Nu is er een veelheid aan keuzes uit draaibanken van verschillende afmetingen en zien we veel hobbyisten die thuis hun hobby kunnen uitoefenen.

Houtdraaien wordt zowel door beroepsmatige draaiers uitgeoefend als door hobbyisten. Bij de beroepsdraaiers kun je onderscheid maken tussen de industriële draaiers en de “kunstdraaiers” die zich vooral toeleggen op siervoorwerpen. De hobbyisten zijn vooral bezig met het draaien van siervoorwerpen en kleine gebruiksvoorwerpen. In deze tijd zie je dat de belangstelling voor het houtdraaien weer toenemen.

In Nederland (Radius), België (Vlaams Gilde van Houtdraaiers) en meer landen om ons heen zijn er verenigingen opgericht die als doelstelling hebben het houtdraaien als hobby en als ambacht te bevorderen.